Goed EU-nieuws voor Europese netwerkcarriers

cargomagazine

Goed EU-nieuws voor Europese netwerkcarriers

Duidelijk werd het op het Dutch Aviation Group (DAG) jubileumsymposium van 19 november 2012: er líjkt een nieuwe wind te waaien door Brussel waar het betreft het externe luchtvaartbeleid van de Europese Commissie.

Allereerst: de handel in emissierechten (ETS). Verplicht door het Kyoto Protocol uit 1997 ontwikkelt de internationale burgerluchtvaartorganisatie ICAO een ‘cap and trade’ systeem inzake de emissie-uitstoot door vliegtuigen. Het ging allemaal niet snel genoeg. Daarom besloot de EU in 2008 dat alle vluchten van en naar EU luchthavens onder het ETS zouden worden gebracht. Wat in luchtvaartland vrijwel nooit lukt, bracht de EU moeiteloos tot stand: Amerikanen, Chinezen, Russen, Indiërs en Golfstaatbewoners verzetten zich als één man tegen de EU plannen. In hoog tempo escaleerde de internationale weerstand, o.a. in een dreiging van Chinese luchtvaartmaatschappijen om geen Airbus vliegtuigen te kopen. Welnu: op 12 november 2012 maakte de Commissie een knieval en besloot de inwerkingtreding van het ETS op te schorten.

‘Pragmatisch en flexibel’, verwelkomt  de luchtvaartkoepel IATA het besluit, en die kwalificaties passen misschien ook op het nieuwe externe luchtvaartbeleid, zoals gepubliceerd door de Commissie in een mededeling van 27 september 2012, en toegelicht op het DAG symposium namens de Commissie door DG Move ambtenaar Klaus Winkler. Een paar punten licht ik daar uit. Allereerst: de commissie wil behoorlijke staartwind geven aan intercontinentaal opererende EU netwerkmaatschappijen. Waarom? Omdat volgens de Commissie in 2030 niet minder dan 74% van het wereldwijde luchtverkeer voor hun rekening komt. Netwerkmaatschappijen blijven dus van cruciaal belang om Europa te verbinden met de rest van de wereld. Voor intra-Europees vervoer verwacht de commissie een verder toenemend marktaandeel van de lagekostenmaatschappijen. Deze point-to-point maatschappijen kunnen complementair werken door het feeder vervoer van passagiers van en naar de netwerkhubs.

Focus dus op intercontinentaal netwerk verkeer. En dat betekent volgens de EU o.m. méér investeren in de infrastructuur van netwerkluchthavens en zoeken naar middelen om de schaarse capaciteit van die luchthavens optimaal te benutten. Tweede beleidspunt van de Commissie: aanpakken van oneerlijke concurrentie in de intercontinentale luchtvaart.

Geciteerd Peter Hartman in zijn DAG voordracht: Wij zijn niet bang voor welke competitie dan ook, maar wel graag éérlijk en gebaseerd op feiten en niet op fictie. En ook dat wordt ‘focal point’ van het externe luchtvaart beleid. Denk aan subsidies van niet EU-landen, verhuld door niet-transparante financiële rapportages. Denk ook aan de verkeersleiding van niet EU landen die landingsvoorrang aan de eigen vliegtuigen geven boven die van EU maatschappijen. De Commissie ontwikkelt daarvoor een ‘passend instrument’ dat eerlijke en open concurrentie moet waarborgen.

Goed EU nieuws, al met al, voor Europese netwerk carriers. Maar: géén nieuws van de EU voor de vracht. De luchtvrachtsector is de grote afwezige in het externe luchtvaartbeleid. Niets in de beleidsnota over integrators, netwerkexpediteurs of vrachtafhandelaren. En dat is jammer. Want de vrachtsector verdient een aparte plaats, ook in het EU luchtvaartbeleid.

 

Frans Vreede is onafhankelijk praktiserend logistiek- en luchtvaartjurist.

Meer informatie: frans@vreede.aero

 

 

%d bloggers like this: